vrijdag, 15 mei 2009

Seks voor een perceel

Geschreven door 

“Ik heb het perceel waarop in woon eigenlijk te danken aan mijn eerste keer. Tegenwoordig zouden ze zeggen: het is nette prostitutie. Maar voor mij was het destijds logisch. Een man ontmaagdt je, dan moet hij iets voor je doen. Daar heeft mijn moeder wel voor gezorgd. We woonden achter op een perceel aan de Timmermanstraat. Mijn moeder was een vrouw van lichte zeden, om het netjes te zeggen. Mijn zusje en ik wisten wat ze voor de kost deed, dat heeft ze nooit verzwegen. Ze zei ons ook altijd om ons best te doen om niet te worden zoals zij. Ik werd van jongs af aan gedrild dat ik geen armoedzaaier moest kiezen. Ik moest een lichtkleurige man vinden die een vak kende of rijk genoeg was om mij te kunnen onderhouden.

Vanwege haar kijk op onze toekomst werden mijn zusje en ik heel goed in de gaten gehouden. Toen ik op mijn vijftiende voor het eerst ongesteld werd, was dat voor mijn moeder een teken dat ik niet al te lang meer moest wachten met het vinden van een man. Ze begon met me te praten over mogelijke kandidaten op school, kinderen van middenstandsouders die eventueel in mij geïnteresseerd waren. Ik vond dat maar niets. Een paar maanden later kwam in de buurt een Chinese winkel. Het gerucht deed de ronde dat die heer een zoon was van een hele rijke Chinees in de Combé. De vriendinnen van mijn moeder spraken erover dat hij geen vrouw had maar nooit gebruik maakte van hun diensten. Ik denk dat mijn moeder haar strategie toen al had uitgezet. Ze regelde dat ik bij hem in de huishouding aan de slag kon gaan.
eerstekeer.jpgOp een avond was ik iets langer blijven werken en kwam Tji, de Chinees, boven. Ik had mijn schort aan maar mijn borsten waren altijd moeilijk in toom te houden en vielen zowat uit mijn bloesje. Hij bleef ernaar staren en wilde me net aanraken toen er op de deur van de winkel werd geklopt. Ik ging naar huis en vertelde het aan mijn moeder. Ze zei me dat ik af en toe per ongeluk met mijn voorgevel tegen Tji moest aankomen. Meer aanmoediging had hij niet nodig.  Op gegeven moment kon Tji het weer niet laten en raakte hij me aan. Ik was een beetje gewend geraakt aan zijn handelingen, maar dit keer zat er iets meer achter en deed hij geen moeite te doen alsof het per ongeluk was. Dit vertelde ik ook aan mijn moeder en ik moest toen iets van haar drinken; nu weet ik dat het een moeroedresi was, dat dient om je baarmoeder schoon te maken. Twee weken na dat incident vroeg Tji mij om zondag te komen helpen om het magazijn op te ruimen. Tji was niet zo verlegen en zwijgzaam als normaal en ik zag dat hij wat sterke drank op had.
Ik moest veel bukken en elke keer als ik bukte werd ik aangeraakt. Hij kwam naast me staan voelde aan mijn billen en borsten en zette mijn hand waar hij aangeraakt wilde worden. Mijn eerste keer was dus in een stoffig magazijn. Tji had de smaak echt te pakken en de weken daarna was het een vast ritueel voordat ik naar huis ging. Mijn moeder glunderde. Twee maanden later was ik zwanger en nu deed mijn moeder zich boos voor bij Tji en bij zijn stiefmoeder. Na veel heen en weer gepraat werd het perceel waarop mijn moeder, zusje en ik woonden voor ons gekocht. Ik mocht bij Tji blijven werken en hij zorgde voor het kind. Na een jaar trouwde hij met een Chinese vrouw en mij werd gevraagd of mijn zoon bij hen kon inwonen. Ik vond het wel erg maar mijn moeder heeft me overtuigd en ik heb nu een zoon die dokter is. Bovendien heb ik mijn eigen huis en perceel. Wat wil een mens nog meer?”

Tekst: Esha Lie Kjam 
Beeld: Ginoh Soerodimedjo