dinsdag, 31 juli 2012

Theo Para

Geschreven door  Theo Para

 

Theo Para is essayist. Zijn bundel
De schreeuw van Bastion Veere, om de rechtsorde in Suriname 
is in tweede druk verschenen

De wijsheid van non-discriminatie

 

theo_para_steve_meye.jpg

Steve Meye is staatsbisschop met een fors salaris, met dank aan de belastingbetaler, gefiatteerd door zijn Volle Evangelie-kerkganger president Bouterse, drugsveroordeelde en hoofdverdachte in het geschorste 8 decemberstrafproces. Naar de algemene beginselen van behoorlijk bestuur zou deze salaristoekenning door de president deugdelijk gemotiveerd moeten worden. Een rechtsstatelijk principe is immers de scheiding van kerk en staat. Het salaris van de staatsbisschop is nooit gemotiveerd. Door dit salaris te accepteren, heeft Meye op zijn beurt de schijn van politieke bevooroordeeldheid tegen zich. Is de hoogste loyaliteit voor God of voor de president gereserveerd? In het wereldlijke verkeer geldt immers wie betaalt, die bepaalt. Op de ‘eenheids- en verzoeningsmanifestatie’ op het Onafhankelijkheidsplein leek Meye niet een man van God, maar een onruststoker van de president. De eenheid en verzoening op die manifestatie werden gesymboliseerd door de omhelzing van de coalitieleiders, allen met een strafblad. Diegenen die niet aan dat soort verzoening wilden deelnemen waren volgens Meye ‘staatsvijanden’ die ‘moesten worden geïdentificeerd’. Op zondag 6 mei bracht Meye zijn Engelssprekende collega Tamara Bennett in het geweer. Meye vroeg haar wat met de critici van de amnestiewet moet gebeuren. Bennett zei eerst in een visioen de critici als “pigs” te hebben gezien. Ze noemde hen “the wicked ones” om eraan toe te voegen “which you should destroy”. Aan deze fascistische haatpraat verschafte Meye een podium. Schaamteloos liet hij een vreemdeling zijn landgenoten uitschelden voor varkens. Toen Meye onder vuur kwam van de verontwaardiging in de samenleving bood hij zijn excuus aan. Hij zei dat zijn aanvallen niet gericht waren tegen de critici van de amnestiewet, maar tegen allen die niet aan verzoening wilden deelnemen, ook voorstanders van de amnestiewet. Meye loog. Er was geen enkele voorstander van de amnestiewet die zich tegen de ‘eenheid en verzoening’ van Bouterse verzette. Maar ook al loog Meye niet, het om een andere mening uitsluiten van burgers is discriminatie. Toen Bouterse zijn macht nog moest vestigen, wekte Meye de indruk dat zijn bekeerling was veranderd en beloofde hij een publiek excuus van de president voor de Decembermoorden. De tijd leerde dat hij ook toen loog. Er kwam helemaal geen verzoeningsgebaar. Sterker, er kwam een zelfamnestie en allen die zich daartegen keerden werden door de president van “destabilisatie” beschuldigd en gebrandmerkt als “vijanden van het volk”. In het aangezicht van de tegenspraak, verschrompelde Meye’s spiritualiteit en zong hij mee in het koor van de ideologische ontrechting.

 

 

 

Spiritualiteit
Het ‘niets menselijks is ons vreemd’ geldt ook voor de geestelijke voorgangers. Integere geestelijken erkennen dat en betonen nederigheid. Waar geestelijken zich aan de toets van de kritiek trachten te onttrekken door te suggereren patent te hebben op het woord Gods, verworden zij tot charlatans die zich aanmatigen de waarheid in pacht te hebben. In samenlevingen waar onderontwikkeling en onwetendheid welig tieren en de wanhoop van armoede en desolaatheid velen in de greep heeft, hebben zulke charlatans grotere kans van slagen. 

spiritualiteit.jpg

Zulke charlatans lenen zich doorgaans voor de hoogste bieder, waaronder machthebbers die er niet voor terugdeinzen de religie als politiek wapen te misbruiken. Het zou een grote fout zijn het gedrag van dit soort lieden te identificeren met geestelijken in het algemeen. Integere geestelijken zijn van onschatbare waarde in veel samenlevingen. Juist door hun onafhankelijkheid en een zekere distantie te betrachten ten aanzien van zakelijke en partijpolitieke belangen, scheppen zij een mentale en morele ruimte waar vriend en vijand terecht kunnen. Zij voeden vertrouwen en verbinding en wijzen de weg naar verzoening-zonder-uitsluiting. Hun spirituele werkzaamheid biedt op grote schaal aan mensen de mogelijkheid door gebed, meditatie en samenzijn de menselijke kernwaarden, door generaties overgedragen, te onderhouden en levend te houden. Als die kernwaarden in het geding zijn, zoals bij ernstige schendingen van mensenrechten en misdrijven tegen de menselijkheid, dan zien we in veel landen, waaronder de onze, integere geestelijken actief de bevolking ondersteunen in het vreedzaam verdedigen van die waarden. Surinamers hebben hoge achting voor zulke geestelijken als Mahatma Ghandi en Martin Luther King, beiden wereldwijd gerespecteerd vanwege hun filosofie van de geweldloosheid in de strijd van de emancipatie van de onderdrukten. Ghandi maakte naam in de Indiase onafhankelijkheidsstrijd tegen het Britse kolonialisme en imperialisme. King was een kampioen van de burgerrechten en Afro-Amerikaanse emancipatiestrijd. Een hedendaags opmerkelijk voorbeeld van zo een geestelijke is de Vietnamese boeddhistische monnik en zenmeester Thich Nhat Hanh, die door Martin Luther King was voorgedragen voor de Nobelprijs voor de Vrede. Thay, zoals zijn volgelingen hem liefkozend noemen, heeft internationale bekendheid verworven als vredestichter in de Amerikaans-Vietnamese oorlog, waarbij hij het aandurfde oog te hebben voor het leed aan beide kanten. Voor hem was en is vrede niet slechts de afwezigheid van oorlog, maar een innerlijke weg van tolerantie en acceptatie van de andere mens als gelijkwaardig en gelijkberechtigd, ongeacht zijn levens- of geloofsovertuiging, politieke kleur, etnische afkomst of sekse. Hij keert zich tegen wat hij noemt ‘het dualistische denken’, ik versus jou of wij versus zij. Thay typeerde zijn weg van vrede treffend als ‘de wijsheid van non-discriminatie’. 

Non-discriminatie
De wijsheid van non-discriminatie kan ook Suriname veel goeds brengen. Onder de militaire dictatuur heeft ons land een hoge prijs betaald voor de weg van politieke discriminatie. Wie toen een andere mening had dan de machthebbers mocht niet vrij spreken, schrijven, vergaderen of demonstreren. Wie het toch durfde, werd geïntimideerd, vervolgd, gefolterd en vermoord. Het meest bekend zijn de vijftien helden van 8 december 1982, voor wie het Nationaal Monument Bastion Veere – 8 december 1982, is opgericht. De ideologie van discriminatie legitimeert de ontrechting van andersdenkenden. Door laster en smaad worden mensen opgehitst tegen critici en wordt de grond rijp gemaakt voor het schenden van hun mensenrechten als het recht op leven en hun psychische en fysieke integriteit. Als nu de toenmalige dictator omstreden figureert als president en vreedzame demonstranten tegen de internationaal veroordeelde amnestiewet 2012 wegzet als ‘vijanden van het volk’, dan is goed invoelbaar dat velen weer schendingen van mensenrechten vrezen. Een waardige president kent de wijsheid van non-discriminatie en beheerst zijn boze partijpolitieke impulsen. Hij weet verstandig om te gaan met zijn emoties en is in staat professioneel en met zelfcontrole en empathie zijn constitutionele rol als president van alle Surinamers te vervullen. Het is een misvatting te denken dat een verkiezingsoverwinning aan partijen of een verzameling partijen het recht geeft de staat van allen tot een eenpartijstaat te maken. Voor de wet is een ieder gelijk en in die geest moet de staat worden bestuurd als de organisatie van de nationale soevereiniteit, die constitutioneel, met respect voor het internationaal recht en in lijn met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur elke burger in gelijke situaties gelijk behandeld. Als de demagogische perschef van de president, Clifton Limburg, de door belastinggelden gefinancierde overheidsmedia misbruikt voor ideologische aanvallen en kwaadsprekerij tegen burgers die gebruik maken van hun recht op vrije meningsuiting, dan maakt hij, en daarmee ook zijn baas die dat toelaat of wellicht inspireert, zich schuldig aan politieke discriminatie en ondermijning van de onpartijdigheid en integriteit van de overheid. Hij demonstreert bad governance.

Verzoening
De amnestiewet 2012 heeft oude wonden opengereten, de onafhankelijke rechtsgang tenminste tijdelijk geblokkeerd en internationaal Suriname weer een beroerde naam bezorgd. De NDP heeft de kiezers de toekomst beloofd, maar bracht het verleden aan de macht, zij beloofde change, maar bracht regressie. De verdeeldheid en stagnatie zijn onmiskenbaar. Nationale verzoening kan niet opgelegd worden, want vertrouwen verwerf je door geloofwaardigheid. Het is een waan te denken dat je met het aan de macht brengen van de verantwoordelijken voor ernstige schendingen van de mensenrechten weer saamhorigheid en verzoening in de samenleving kan brengen. Nieuwe politici en leiders zijn nodig om de nieuwe generatie, niet belast door het verleden, een kans te geven met de wijsheid van non-discriminatie elkaar te vinden in productieve samenwerking voor de economische, sociale en culturele ontwikkeling van de republiek. In de VHP en NPS heeft zo een belangrijke generatieshift plaatsgehad. De NDP zou daarvan kunnen leren. Een dergelijke hervorming is natuurlijk moeilijker binnen die partij, omdat de harde kern van het oude leiderschap in het verleden heeft getoond geweld niet te schuwen. Intimidatie is daar troef. Maar de geschiedenis leert dat ook in zulke autoritair aangestuurde partijen mensen die gaan voor het algemeen belang en zich laten vervullen door courage civil hervormingen kunnen bewerkstelligen. Het zijn vaak zulke hervormingen die normalisering en verzakelijking van politieke verhoudingen versneld doen plaatsvinden. Suriname heeft behoefte aan verwerking van het verleden en het hervinden van een common ground voor oprechte en capabele politici en bestuurders, ongeacht hun politieke kleur. Gebeurt dat niet, dan blijft de politiek voor een flink deel gegijzeld door mensen die bekwaamheid en integriteit missen, maar door de macht van omkoping en intimidatie anderen naar hun hand weten te zetten. Een van de kenmerken van fatsoenlijke en ontwikkelde landen is dat curriculum vitae, opleiding en bekwaamheid beslissend meetellen en dat academici en vakmensen niet zijn veroordeeld tot het zich laten bebazen door lieden die slechts kunnen manipuleren, maar verder van geen toeten of blazen weten. Kijk maar hoe veel de onbekwaamheid van de president het land kost. Een president met kennis, kunde en morele formatie heeft niet een overstaffed en peperduur kabinet plus proliferatie van commissies nodig om zijn rol als regeringsleider en staatshoofd uit te oefenen. En dat nog los van het vulgaire nepotisme en de beunhazerij, zoals het toeschuiven aan je vrouw van een staatssalaris en het geven van een CTU-salaris aan je (veroordeelde) zoon terwijl hij intussen manager is in een goudbedrijf. De cultuur van non-discriminatie kan bevorderen dat integriteit, professionaliteit en bekwaamheid hogere waarden worden dan partijpolitieke loyaliteit. Slechts dan komt de juiste mens op de juiste plaats.

 

Meer in deze categorie: « Theo Para Theo Para »