woensdag, 16 oktober 2013

Lieve Enjela

Geschreven door 

Het draait in het leven vooral om
Faya (vuur) en Lobi (liefde)

Lieve Enjela

Zo, daar ben je dan. Negen maanden moesten we op je wachten, maar vlak voor het begin van de grote vakantie besloot je eindelijk dat je genoeg in het vruchtwater had rondgedobberd. Hopelijk heb je daar wat zwemvaardigheden aan overgehouden, die zul je hard nodig hebben als je later naar boiti gaat – op hulp van life guards hoef je bij de meeste oorden immers niet te rekenen. Wel slim van je om net voor het einde van het schooljaar naar je eerste Surinaamse tropenlucht te happen, dan kun je op iedere verjaardag gezellig trakteren en krijg je zelfgeplukte bloemen van je klasgenootjes. Voor het overige moet je er zelf iets van zien te maken op school en vooral je best doen. Mooie cijfers komen je niet aanwaaien, zeker niet met het niveau van het huidige onderwijs. En papa heeft geen mooi baantje bij het Kabinet van de President, dus hij kan niets voor je regelen als je er bij een toets of examen een potje van maakt. Maar wat zeur ik nou: voorlopig heb je vier onbezorgde en schoolvrije jaren voor de boeg, waarin je naar hartenlust kan spelen en ravotten. Wel op het erf, want op straat spelen is veel te gevaarlijk met al die wegpiraten. Gelukkig hebben we een groot erf, waar je de wereld in het klein kunt ontdekken. Ondertussen gaan mama en papa hard centjes voor je opzij leggen, zodat je als je groot bent alvast een kleine spaarpot hebt. Dus iedere maand stoppen we de dertig srd die we dankzij meneer Bouterse tegenwoordig krijgen voor jou, in die pot. Nou ja, niet iedere maand, meneer Bouterse heeft er nog niet voor gezorgd dat zijn ambtenaren dat geld ook iedere maand keurig uitbetalen; soms duurt dat een half jaar, soms zelfs een jaar. Maar zoals je oma altijd zegt: ‘Wat in het vat zit, verzuurt niet’. Lieve Enjela, we gaan een feest van jouw leven maken, de eerste weken heb je daar al wat van mogen proeven. Je bent ter wereld gekomen in een mooi land met overwegend lieve mensen. Een paar daarvan heb je gelijk ontmoet toen je werd geboren en werd verwelkomd door schatten van verpleegsters en artsen in het Sint Vincentius Ziekenhuis. Toen besefte je het waarschijnlijk ook al: het is fantastisch om een Sranan-meid te zijn. De hobbels die je ongetwijfeld nog gaat tegenkomen, neem je voor lief.