vrijdag, 01 november 2013

Film&Zo

Geschreven door  Bert Steinmetz

Hoe duur was de suiker

Hoe duur was de suiker

In één jaar twee films over de slavernij – het kan niet op, zou je zeggen. Of: het werd tijd. Maar met alleen zo’n film is de bewustwording van alle ellende van de slavernij er nog niet. Aan de ene kant moet het verhaal recht doen aan de werkelijke geschiedenis, aan de andere kant moet het een breed publiek boeien. Lastig die twee zaken te combineren, blijkt na Tula, the revolt (Parbode 89, september 2013) ook weer bij Hoe duur was de suiker, de film die 25 september het Nederlands Film Festival opende. Ditmaal is niet het verzet tegen de slavernij het onderwerp, maar een geromantiseerde weergave van het bestaan op de Surinaamse plantages in de achttiende eeuw. Cynthia Mc Leod schreef met Hoe duur was de suiker? een onovertroffen bestseller. Het is een raadsel waarom dit boek uit 1985 niet eerder is verfilmd. Nu heeft de Nederlandse cineast Jean van de Velde het boek bewerkt en verfilmd, wel in nauw overleg met de schrijfster. Samen hebben ze bruikbare locaties in Suriname gezocht, maar het bleek onmogelijk de film hier te draaien. Er is geen suikerplantage meer te vinden, en ook in Paramaribo is de achttiende eeuw niet meer op te roepen. Daarom is Van de Velde uitgeweken naar Zuid-Afrika waar de voorzieningen voor cineasten legio zijn en het vinden van figuranten geen probleem vormt. Maar de landschappen, hoe fraai ook, roepen nergens het beeld op van typisch Surinaamse plantages. Veel werk heeft Van de Velde gemaakt van een authentieke aankleding van zijn film: de naaktheid van de slaven, de bezwete kostuums van de plantersfamilies. Het realiteitsgehalte wordt versterkt door het Sranantongo dat wordt gesproken. Maar toch, echt een film over de slavernij is het niet geworden. Daarvoor zit het op de voet gevolgde verhaal van McLeod te veel in de weg. Ook al laat Van de Velde de gebeurtenissen vooral zien door de ogen van de slavin Mini-Mini (een prima rol van de debuterende Yootha Wong-Loi-Sing), de hoofdfiguur blijft de egocentrische plantersdochter Sarith (Gaite Jansen) en haar zucht naar seks en mannen die naar haar pijpen willen dansen. Daarvoor offert zij iedereen op, zelfs haar persoonlijke slavin Mini- Mini die min of meer haar halfzusje is. We krijgen plichtmatig te zien hoe de een de slaven wreed behandelt en de ander juist grootmoedig is. Maar het slavenbestaan op de plantage blijft ondergeschikt aan de soap rond Sarith. Een goedgemaakte, onderhoudende film met overtuigende acteurs, die Mc Leods boek alle eer aandoet. Maar niet de gehoopte film die het wezen raakt van het slavenleven op de plantages.
Bert Steinmetz

Hoe duur was de suiker, Jean van de Velde (regie), 2013

Meer in deze categorie: « Buru Inside out »