zaterdag, 01 maart 2014

Ander formaat

Geschreven door  Ingrid Corinde

 

Iedere maand vertellen lezers
over de eerste keer dat zij
een scheve schaats reden

Remi (47)

“Mijn vrouw Meriam heb ik op de Anton de Kom Universiteit leren kennen, waar we beiden economie studeerden. Tegenwoordig werken we allebei bij de overheid, maar na mijn afstuderen kwam ik eerst te werken bij een bekend bedrijf hier in Suriname. Daar kreeg ik een secretaresse tot mijn beschikking, Lucinda. Een lekker mollig ding. Het ontbrak mij aan niets thuis, maar het was altijd mijn droom om ooit van een volle vrouw te snoepen. Dus u kunt zich voorstellen hoe begerig ik elke dag weer naar haar keek. Ik werd verliefd, en dat gevoel werd steeds sterker. Alleen om haar ook in de avonduren te kunnen groeten, ging ik niet langer met de auto naar de winkel, maar liep ik langs haar huis. Het werd een gewoonte dat ik elke avond om zeven uur brood kocht voor de volgende dag. Zij begon het spelletje mee te spelen en zorgde ervoor dat zij rond die tijd ook haar boodschappen deed. En zo ontmoetten wij elkaar ’s avonds in de winkel en ’s morgens op kantoor. Het bleef niet bij praten, de ontmoetingen met Lucinda kregen ‘diepgang’. Het werd kussen, toen tongzoenen, ook op kantoor. Wij begonnen steeds meer voor elkaar te voelen. Na twee jaar flirten en zoenen gebeurde het. Het was een regenachtige vrijdag in 2001. Zoals gewoonlijk kwam Lucinda op kantoor, maar die dag gekleed in een mooie jurk met een V-hals. Ik vroeg haar wat eerder van het werk te gaan, zij begreep wat ik bedoelde. Het moest niet opvallend zijn, dus vertrok Lucinda eerst en wachtte ze bij de achterdeur, waar niemand ons kon zien. Na van elkaar genoten te hebben in een smaakvol hotel, vielen we in slaap. De volgende ochtend schrokken we wakker van een bons op de deur. Ik maakte de kamerdeur open en tot mijn verbazing bleek de dame met het ontbijt in haar hand mijn zwageres te zijn. Wij schrokken beiden zo, dat we geen woord konden uitbrengen. Mijn schoonzus zette het eten op de tafel in de kamer, keek Lucinda heel strak aan en liep weg zonder iets te zeggen. Ondanks de schrik heb ik genoten van de lunch; gebeurd is gebeurd, de klok kan niet teruggedraaid worden. Lucinda en ik besloten nog eens volop gebruik te maken van de mogelijkheden, voor we het hotel verlieten. Mijn zwageres heeft het geval nooit met mij besproken. Tot nu toe hebben we nooit iets laten merken aan elkaar. En zelfs nu, twaalf jaar later, heeft ze het mijn vrouw nog niet verteld. Ik heb geen spijt, omdat ik ervan genoten heb. Mijn vrouw is nog steeds slank, desondanks blijf ik van haar houden.”