maandag, 15 december 2014

De onderzoeker

Geschreven door 

Deborrah Feurich (50), docente Biologie aan het IOL, behaalde afgelopen augustus haar science master Biology Education aan het Institute for Graduate Studies and Research.

Wat heeft u onderzocht?
“Hoe capabel biologieleraren in opleiding aan het IOL zich voelen in het verzorgen van biologielessen. Het ging daarbij zowel om de studenten die net met de opleiding begonnen zijn als studenten in een latere fase, die al lesgeven op een basisschool. Daarbij keek ik naar verschillende aspecten; vakinhoudelijke en pedagogische vaardigheden, maar vooral naar de didactische competenties.”

Waarom wilde u daar meer over weten?
“Toen ik zelf op de middelbare school zat, kreeg ik het opeens moeilijk. Tot die tijd was alles vlot verlopen, maar opeens leek het alsof ik de hele dag leerde en het gewoon toch niet lukte. Heel frustrerend. Ik dacht dus dat ik een middelmatige leerling was, totdat ik op het IOL opeens weer heel hoge cijfers haalde en vlot afstudeerde. Toen begreep ik dat er iets anders aan de hand was. En toen ik zelf eenmaal docent was, bemerkte ik dat ook bij mijn studenten. Ik zocht manieren om ze te helpen, en zo is mijn interesse voor het didactische gedeelte van lesgeven ontstaan.”

En waarom is dat van belang?
“We schatten de instroom nu verkeerd in, vind ik; we verwachten bepaalde vaardigheden van de studenten die ze helemaal niet beheersen. Dat is niet eerlijk tegenover de leerlingen. En dan lopen ze vast tijdens een vervolgstudie en haken af. Terwijl dat niet nodig is.”

Hoe heeft u het onderzoek uitgevoerd?
“Als onderzoeksgroep heb ik alle studenten Biologie op het IOL gebruikt. Allereerst heb ik gewerkt met twee vragenlijsten, en daarnaast heb ik groepsinterviews gehouden.”

Wat was de uitkomst van het onderzoek?
“Al met al voelden veel studenten zich tijdens de opleiding nog niet ready om voor de klas te staan. Maar hun gevoel van bekwaamheid fluctueerde een beetje, en ze schreven een toename in dat gevoel vooral toe aan de vakken Beroepsvorming en Vakdidactiek. Ook bleek dat ze vooral aan het begin van de opleiding behoefte hadden aan studievaardigheden. Je zag overigens wel een significant verschil bij de studenten die al voor de klas stonden. Zij hadden meer behoefte aan praktisch lesmateriaal. Ik denk daarom dat er meer samenhang moet komen tussen het praktische en het theoretische gedeelte. Je hebt die theorie nou eenmaal nodig, dus er zou meer aandacht moeten zijn voor studievaardigheden.”