maandag, 20 april 2015

De massage

Geschreven door  Theo Ruyter

Ik kleed me uit en ga op het dunne matras liggen. Ik moet er erg aan wennen dat haar hoofd niet recht op mij gericht is, wanneer ze tegen me praat. Het is koud. Om me heen klinkt vreemde muziek. Japans? Heeft zij dat aangezet? “Nee, op je buik”, zegt ze zodra ze weer terug is. Ik draai me om en doe mijn ogen dicht.

Weldra word ik door warme handen aangeraakt. Ze vraagt of er iets is waar ze rekening mee moet houden. Ik weet niet zo gauw wat en laat haar begaan. De handen zijn toch al o en ruw tegelijk. Ze schijnen precies te weten wat ze moeten doen: drukken, duwen, aaien, knijpen, kneden, tikken, kloppen, slaan, you name it. Ze bewegen niet alleen, maar blijven ook even liggen. Soms. Op zoek naar plekken waar spanningen zich hebben opgehoopt, het bloed niet meer stroomt, het leven op zijn retour is.

Geleidelijk wordt het stil in mijn hoofd. De knoppen worden uitgezet, of ik wil of niet. Zelfs de pijn die de oersterke vingers mij van tijd tot tijd bezorgen, deert me niet meer. Mijn lijf laat zich lezen als een boek in brailleschrift, bespelen als een orkest met tientallen instrumenten.

In een onbewaakt ogenblik moet ik overeind komen en op een stoel gaan zitten. Ze staat achter me en gaat in de weer met mijn hoofd, mijn nek en mijn schouders. Nu pas voel ik ook, met mijn achterhoofd, haar lichaam. Stevig en zacht. Wat je noemt: een grande finale. Het herinnert me aan de ‘erotische massage’ op grauwe advertentiepagina’s. Met of zonder happy ending; dat staat er nooit bij. Is dit liefde en dat lust? Waar eindigt de lobi en begint de faya of andersom? Of is er helemaal geen grens?

Versuft en draaierig kleed ik me weer aan. In de voorzaal zit ze klaar met een bekertje water. Er wordt niet veel meer gezegd, al weet de muziek van geen ophouden. Ik leg mijn geld in een grote hand met lange slanke vingers en neem afscheid. Met onzekere tred loop ik naar de ingang, mijn fiets aan de hand. De mensen en de dingen zijn niet wat ze waren. Op de Dr. Sophie Redmondstraat waait een warme wind me in het gezicht. De vlag voor het Dr. Frank Essedgebouw staat strak. Wat een mooie dag!