Na jaren van economische ontregeling heeft Suriname in 2023 voorzichtig terrein teruggewonnen. Dat blijkt uit het Jaarverslag 2023 van de Centrale Bank van Suriname (CBvS), waarin de monetaire autoriteit een verbetering in de financiële cijfers ziet, maar tevens waarschuwt dat structurele kwetsbaarheden nog lang niet zijn verdwenen.
De economie groeide in 2023 met 2,5 procent, iets hoger dan in 2022 toen het 2,4 procent was, vooral gedragen door handel, industrie en een gematigd herstel in de mijnbouw. De inflatie daalde: de jaareinde-inflatie kwam uit op 32,6 procent, ten opzichte van 60,8 procent in het jaar ervoor. Die afname is volgens de CBvS het resultaat van strikt fiscaal beleid, monetaire verkrapping en stabilisatie op de valutamarkt in de tweede helft van het jaar. De bank spreekt van het derde achtereenvolgende jaar met een hyperinflatie.
Een belangrijk anker onder dat herstel vormden de internationale reserves. De goud- en deviezenvoorraad steeg in 2023 met 12,7 procent tot 1,35 miljard US-dollar, voldoende om 7,3 maanden import te dekken; exclusief de mijnbouwsectoren was dat 9,7 maanden. De toename kwam vooral door IMF-tranches en hogere inkomsten uit de olie- en goudsector.
Ook de staatsschuld liet een gemengd beeld zien. In nominale termen steeg de schuld tot 121,7 miljard SRD, maar als percentage van het bbp daalde zij van 110,0 naar 95,8 procent. Daarmee werd afstand genomen van de piek tijdens de crisisjaren, al blijft de schuldpositie hoog en gevoelig voor wisselkoersschokken. In de financiële sector verbeterde de solvabiliteit: de risico-gewogen kapitaalratio van banken steeg naar 20,3 procent, ruim boven de norm van tien procent. Tegelijkertijd verslechterde de kwaliteit van de kredietportefeuille. Het aandeel probleemleningen (NPL’s) nam toe van 12,4 procent tot 13,0 procent, meer dan dubbel de internationaal aanvaarde bovengrens van vijf procent.
Een structureel pijnpunt blijft de dollariseringsgraad. In 2023 steeg de financiële dollarisering verder naar 72,2 procent. Vooral leningen in vreemde valuta namen toe: de kredietdollarisering sprong van 46,6 naar 56,1 procent. Volgens de CBvS ondermijnt dit de effectiviteit van het monetair beleid en maakt het systeem kwetsbaar voor externe schokken. De stijging van de wisselkoers nam in de tweede helft van 2023 af, maar de slotkoers bleef per 31 december desondanks hoger dan een jaar eerder.
Verder is het eigen vermogen van de bank verbeterd door versterking van het kapitaal en reservefonds met 15 miljard SRD. De vreemde valutapositie is verbeterd door middelen uit het IMF-programma (EFF-programma). Het dekkingspercentage was 96,56 procent over 2023, conform artikel 24 van de Bankwet 2022. Het uiteindelijk jaarresultaat van de bank was 6,2 miljard SRD; dit is een stijging van 4,4 miljard SRD ten opzichte van het resultaat over 2022.
Het jaarverslag is opgemaakt op basis van de Internationale Financiële Rapportering Standaarden (IFRS) en BDO Assurance N.V. heeft als accountant een goedgekeurde controleverklaring afgegeven.
De Centrale Bank waarschuwt in haar vooruitblik dat het herstel broos blijft. Verwachte toekomstige olie-inkomsten mogen geen reden zijn voor verslapping. Zonder institutionele versterking, begrotingsdiscipline en diversificatie buiten de mijnbouw dreigt herhaling van oude fouten. 2023 markeert daarmee geen eindpunt, maar hooguit een adempauze in een langdurig herstelproces.